Jeugd-GGZ van DBC naar uitvoeringsvariant

pgb trekkingsrecht

Landelijk is afgesproken door VWS, Zorginstituut Nederland en de VNG dat gemeenten met ingang van 1-1-2018  geen DBC’s meer mogen hanteren binnen de Jeugdwet. De reden hiervan is tweeledig: 
 
Op 31-12-2017 loopt de bestuurlijke afspraak (VWS, ZN, VNG) rondom een zachte landing voor jeugd-GGZ af. Het overnemen van de DBC bekostigingssystematiek jeugd-GGZ was een onderdeel  van deze afspraak.
In de regeling persoonsgegevens (van kracht sinds de zomer van 2016) wordt gesteld dat er vanaf 2018 geen basis meer is om diagnose informatie op de factuur te vermelden.
 
Uitvoeringsvarianten
Producten die nu nog middels DBC’s worden bekostigd, moeten per 1-1-2018 worden ingekocht op basis van een van de drie uitvoeringsvarianten:

 
Inspanningsgericht
Outputgericht
Taakgericht

 
Landelijk wordt jeugd-GGZ ingekocht via de inspanningsgerichte uitvoeringsvariant. Om verscheidenheid aan lokale en regionale keuzes te beperken en administratieve lasten te reduceren wordt gemeenten verzocht een eenduidige werkwijze te kiezen. Ongeacht de uitvoeringsvariant.
 
Verantwoorde administratieve organisatie
Het overstappen van DBC’s naar een uitvoeringsvariant betekent voor gemeenten ook dat de administratieve organisatie zo moet worden ingericht dat verantwoord kan worden uitgevoerd.  Onze consultants helpen gemeenten hierbij. Voor één gemeente of een samenwerking van gemeenten.

 
Wil uw gemeente meer weten? Vraag dan hier de gewenste informatie aan.
 
Informatieverzoek